Onzakelijke lening: story continues

Opnieuw zijn er ontwikkelingen op het gebied van de onzakelijke lening. Dit onderwerp blijft in beweging! Ten eerste kan volgens een rechtbank een lening ook onzakelijk blijven ondanks dat schuldenaar en schuldeiser onafhankelijke partijen zijn geworden. Een gerechtshof komt in een andere casus tot het oordeel dat bij gunstige marktomstandigheden het ontbreken van zekerheid niet tot de conclusie leidt dat de lening onzakelijk is. Wij lichten deze procedures hieronder toe.

 

Na verkoop aan derde blijft lening onzakelijk

De rechtbank Noord-Nederland deed onlangs uitspraak in een casus, waarin een BV een lening verstrekte aan een Hongaarse dochtervennootschap. In 2011 verkocht zij de aandelen in de dochter aan een onafhankelijk partij, waarop de BV in 2012 de lening wilde afwaarderen. Op dat moment was het een lening aan een ongelieerde partij. Het leerstuk van de onzakelijke lening komt in beginsel alleen op tussen gelieerde partijen. De rechtbank oordeelt echter dat sprake is van een onzakelijke lening, omdat partijen op het moment van verstrekken van de lening nog gelieerd waren. Volgens de rechtbank zou de lening door de verkoop zakelijk kunnen worden, maar ligt de bewijslast daarvan bij de BV. In deze casus slaagt de BV niet in die bewijslast.

Hoewel het de vraag is hoe een hogere rechter hierover zal oordelen, lijkt het ons niettemin redelijk dat na verkoop de lening zakelijk kan worden. Het is dan zaak om dit zo goed mogelijk te beargumenteren.

 

Gunstige marktomstandigheden, minder zekerheid

Het gerechtshof Den Bosch komt in een recente casus tot de conclusie dat ondanks dat geen zekerheden zijn verstrekt, maar de lening in bepaalde omstandigheden de lening wel opeisbaar zou zijn, de lening geen onzakelijke lening is. Het hof overweegt daarbij dat door de marktomstandigheden van het moment en de bestemmingsplannen voor de lening een onafhankelijke partij wellicht ook bereid was geweest de lening te verstrekken. Wellicht tegen een hogere rente, maar dat maakt de lening niet onzakelijk.

Dit betekent dat bij een discussie over de zakelijkheid van de lening niet alleen de feiten en omstandigheden van de lening zelf, maar ook de marktomstandigheden en de bestemming van de lening tot de conclusie kunnen leiden dat de lening zakelijk is. Dat de lening wellicht tegen een te laag rentepercentage is verstrekt, doet daar niet aan af.

 

Discussies met de Belastingdienst

Er lopen veel discussies over de onzakelijke lening met de Belastingdienst. Het onderwerp is daarbij ook nog in beweging. Eerder berichten wij al over de bijzondere omstandigheden die een rol kunnen spelen en verschillende andere ontwikkelingen.

Mocht u ook vragen krijgen van de Belastingdienst over de afwaardering van een lening, neem dat gerust contact met ons op.

 

 

Meer informatie?

Martijn van der Kroon
+31 (0) 6 11 51 03 85
martijn.vanderkroon@cb-more.com

Benieuwd wat wij voor u kunnen betekenen?

Neem contact op
Deze website maakt gebruik van cookies.
Annuleren