Ook bedrijfsopvolgingsfaciliteit overdrachtsbelasting bij BV?

Ook de overdrachtsbelasting kent, naast de inkomstenbelasting en schenk- en erfbelasting, een bedrijfsopvolgingsfaciliteit. Deze faciliteit stelt de verkrijging van onroerend goed door bepaalde familieleden vrij, indien dat onroerend goed behoort tot een onderneming. Rechtbank Noord-Nederland oordeelde onlangs dat deze vrijstelling ook kan worden toegepast voor onroerend goed dat door een BV gehouden wordt. Wij lichten deze casus en het belang hieronder toe.

 

Rechtbank past vrijstelling toe

In deze casus ging het om een schenking van aandelen in een BV door moeder aan haar zoon. De aandelen in de BV vormden een fictieve onroerende zaak, omdat sprake was van een zogenoemde onroerendezaakrechtspersoon (OZR). Een OZR is (onder meer) een rechtspersoon waarvan (i) de activa voor 50% of meer bestaat uit onroerende zaken, (ii) ten minste 30% van de activa bestaat uit in Nederland gelegen onroerende zaken en (iii) de onroerende zaken als zodanig worden geëxploiteerd (inclusief verkrijgen of vervreemden van dat vastgoed). Deze derde eis betekent bijvoorbeeld dat het bedrijfspand van de groenteboer niet kwalificeert, maar verhuur van appartementen wel.

Indien aandelen in een OZR worden vervreemd is over de waarde van het onderliggende vastgoed overdrachtsbelasting verschuldigd. De zoon deed echter een beroep op de bedrijfsopvolgingsfaciliteit, omdat de OZR een onderneming dreef. Wij merken overigens op dat het bij vastgoed de vraag is of sprake is van een onderneming. Zie hierover ons eerdere nieuwsbericht.

De rechtbank overweegt dat de wettekst spreekt van ‘onderneming’ en dat de bedoeling van de wettekst is om fiscale belemmeringen van bedrijfsopvolgingen weg te nemen. Naar de mening van de rechtbank moet hieronder niet alleen de IB-onderneming, maar de onderneming in materiële zin worden begrepen, dus ook de onderneming in BV-vorm. Derhalve oordeelt de rechtbank dat de vrijstelling ook bij de overdracht van deze fictieve onroerende zaken van toepassing is, omdat de onderliggende onroerende zaken onderdeel uitmaken van een onderneming.

 

De gevolgen voor de praktijk

Naar onze verwachting zal de Belastingdienst in hoger beroep gaan en waarschijnlijk zal ook de Hoge Raad eraan te pas komen. Dit betekent dat het nog even kan duren voordat duidelijkheid over deze vraag bestaat. Mocht de Hoge Raad hetzelfde oordelen als de rechtbank, dan is dit goed nieuws voor bedrijfsopvolgingen van vastgoedondernemingen. Bij die bedrijfsopvolgingen zal dan geen overdrachtsbelasting meer verschuldigd zijn. Het is helaas niet uit te sluiten dat de wetgever in dat geval de wet zal willen aanpassen, zoals recent met de bedrijfsopvolgingsfaciliteiten. Dat is echter niet vooraf te zeggen.

Wij raden aan om in voorkomende gevallen een beroep te doen op deze vrijstelling in de overdrachtsbelasting. Wij houden u van de ontwikkelingen op de hoogte.

Mocht u naar aanleiding hiervan vragen hebben, neem dan gerust contact met ons op.

 

Meer informatie?

Martijn van der Kroon
+31 (0) 6 11 51 03 85
martijn.vanderkroon@cb-more.com

Benieuwd wat wij voor u kunnen betekenen?

Neem contact op
Deze website maakt gebruik van cookies.
Annuleren